Sla inhoud over

Stel een pestprotocol op


Een effectieve manier om pesten te stoppen of binnen de perken te houden, is het afspreken van regels voor de kinderen. Kinderen formuleren daarbij zelf de regels. Er worden 10 regels uitgekozen en deze vormen het pestprotocol.
Dit pestprotocol wordt door alle kinderen ondertekend.

Door regels en afspraken zichtbaar te maken kunnen kinderen en volwassenen, als er zich ongewenste situaties voordoen, elkaar aanspreken op deze regels en afspraken.

Bij een pestprotocol maak je regels voor alle kinderen om pesten te stoppen. In een pestprotocol staan bijvoorbeeld de volgende regels:
 

  1. We doen niets bij een ander kind wat we zelf ook niet prettig vinden.
  2. We komen niet aan een ander als de ander dat niet wil en we zitten niet aan spullen van een ander.
  3. We gebruiken geen scheldwoorden en noemen elkaar bij de voornaam.
  4. Als je kwaad bent ga je niet slaan, schoppen, krabben. Probeer eerst samen te praten en ga anders naar de meester of juffrouw.
  5. We klikken niet zomaar, maar gaan wel naar de juffrouw of meester om te vertellen als er gepest wordt of als er iets gebeurd, wat we niet prettig vinden of gevaarlijk vinden.
  6. Als je wordt gepest moet je er ook thuis over praten. Je moet het niet geheim houden.
  7. Uitlachen, roddelen en kinderen buitensluiten vinden wij niet goed.
  8. We beoordelen niemand op zijn/ haar uiterlijk.
  9. Opzettelijk iemand pijn doen of achterna zitten om te pesten is beslist niet toegestaan.
  10. We proberen zoveel mogelijk de ruzie zelf op te lossen en kunnen elkaar vergeven.